Je bent niet gepensioneerd zolang je nog een werknemer bij een organisatie bent waar je met je inzet geld verdient. Zolang je na je 67e levensjaar nog steeds betaalde arbeid verricht ben je 'eigenlijk' gepensioneerd. Maar niet echt helemaal. Je hebt de leeftijd bereikt waarop je je AOW ontvangen mag, maar daar ben je alleen geen gepensioneerde mee.
Je telt nog mee.
Gevoelsmatig. Als gepensioneerde tel je uiteraard sowieso mee. Ook wanneer jongeren daar schampere opmerkingen over maken alsof zij het alleenrecht hebben op het bestaan.
Ik heb er behoorlijk wat dienstjaren opzitten in de gezondheidszorg. Ik heb te maken gehad met bewoners, cliënten die in veel verschillende categorieën ondergebracht waren. Van zwakbegaafd tot licht verstandelijk beperkt; van adhd , pdd NOS, autisme, naar psychische aandoening , mensen met een delier, mensen met een zware lichamelijke handicap met corsetten, canule's stoma's. Diabetice, mensen met spierdystrofie, MS, reuma, in het bezit van badbrancards tiliften , hopen medicatie.
Ik kan daar nog zoveel aan toevoegen. Veel mensen ook met onbegrepen gedrag, waarvan op werkvergaderingen de waargenomen puzzelstukjes van dat gedrag aan elkaar werden gepast teneinde een goed zorgplan of behandelplan samen te stellen.
Buiten de mensen die ik naar beste kunnen heb begeleid, heb ik in al die jaren ook heel veel personeel voorbij zien trekken.
Honderden personen
Mensen die zich in een afhankelijkheidspositie bevonden en thuis geholpen moesten worden met hun ADL ( Algemeen Dagelijkse levensverrichtingen) moesten het doen met op hun af gestuurde werknemers. Ze moesten dealen met vaak tientallen en tientalleen veelal goedbedoelende hulpverleners van verschillende pluimage. Elke keer weer een ander aan het bed aan wie uitgelegd moest worden waar alles lag en waar bij de assistentie op gelet moest worden.
Ik werk nog steeds. Voornamelijk bij mensen met een autismespectrumstoornis.. Elke week ben ik er minimaal een avond. Ik heb een vaste werkavond, De dinsdagavond. Daar werd door degene die roosterde altijd rekening mee gehouden. Dat had ik prima met haar geregeld.
Maar diegene hield ermee op en door de organisatie werd van buitenaf een persoon aangetrokken die zich voortaan over dit puzzelklusje zou ontfermen.
Er werd al snel iemand gevonden die hierin wel een zinvolle tijdsbesteding vond en dat werd Els van den Akker. Zo hoorde ik.
En ik kende Els van den Akker. Ik had er zo'n 22 jaar geleden mee samengewerkt bij S&L Zorg. Els van den Akker.
Jee. Dat was wat, want de samenwerking met haar liep indertijd niet meteen van een leien dakje. Andere visies, andere benaderingswijzen andere energie. Dat lag ook - eerlijk is eerlijk- wat bij mezelf. Ik kon soms regels soepeler hanteren als dat was afgesproken . Overigens (vond ik) met goede argumenten. Maar het gaf echter wat wrevel bij Els.
De verhouding tussen konden we niet optimaal noemen.
Op de woning werd een Nieuwjaarsreceptie georganiseerd en we gingen aan de slag daar voorbereidingen voor te treffen. Er was ook bubbeltjeschampagne. We zouden op het Nieuwjaar gaan proosten. Els hield zich daarmee bezig en ik zag haar een suikerrandje aanbrengen aan het drinkgerei, maar omdat er maar enkele champagne-achtige glazen waren deed ze dit in oude koffiemokken en bijeengezochte soorten kopjes. Ik vond dat geen gezicht en dat heb ik uitgebreid laten weten. Dat het er belachelijk en armoedig uitzag!
Het was een opmerking zodanig geplaatst onder het kopje 'niet tactvolle opmerkingen' dat ik meende te zien dat er bij Els rook uit haar oren kwam en haar gelaatskleur werd zelfs voor kreeften jaloersmakend rood.
Nimmer ben ik dat voorval vergeten en ik had later spijt van mijn opmerkingen tegen mijn collega die zo haar best aan het doen was met minimale middelen het maximale er uit te halen.
Die Els.
Die ging nu roosteren. Zou ze mijn roosterwensen willen meenemen?
Ik besloot haar te mailen.
Vertellen dat ik me verder had ontwikkeld, dat ik het leuk vond haar weer eens te zien en bij te praten.
Ik dacht : ik moet nog es excuus maken. Voor mijn houding toen.
Daags na mijn mailtje kreeg ik een mailtje terug. Mijn een grote glimlach was er van mijn schrijven kennis genomen, zo las ik.
Ik had me vergist. Want Els van de Akker vertelde dat ze nooit mijn collega was geweest. Ze had niet bij dezelfde instelling gewerkt als ik, Nooit!
Ze was wel Els van den Akker, maar wel een andere!
Ik mailde terug: '...dat heb ik weer....'